H8x12 - Space for Contemporary Art

Nieuwe edities online

Inmiddels staan er enkele nieuwe edities online. Figurenfeld, Figurenfeld - Early Snow, Figurenfeld - Thresholds, Via Dolorosa, Hortus - Round the Roses, Hortus - Poems en Hortus Rosette Variations.

Hierbij wat verdere informatie:

 

HET “FIGURENFELD” / HET FIGURENVELD

Ten oosten van Eichstätt ligt, ingebed in het landschap van de Frankische Jura, het ‘sculpturenveld’ van Alois Wünsche-Mitterecker (1903-1975) als gedenkteken tegen oorlog en geweld. Op de top van de schrale hoogte, kondigen silhouetten van grote figuren het geheel van sculpturen aan, verspreid over de holle kom beneden. Reeds in de jaren vijftig begon Alois Wünsche-Mitterecker met zijn plannen en ontwerpen. Van bij de aanvang had hij deze werken voor dit gedeelte van het landschap bestemd. Het gehele sculpturale werk, dat bestaat uit achtenzeventig beelden, waarvan sommige meer dan levensgroot, is pas in 1976-1979 op locatie voltooid op basis van bestaande plannen, door het Kuratorium Mahnmal e.V. Als gietmateriaal heeft de beeldhouwer gekozen voor Portland cement gemengd met graniet- en basaltkorrels, een materiaal dat het rotssteenachtige uitzicht van het Juralandschap benadert.

 

STATEMENT BIJ DE FIGURENFELD-REEKS

De werken die de Figurenfeld-reeks vormen, vertrekken van foto’s genomen op de locatie. Vervolgens werd het fotografische materiaal digitaal bewerkt. De zachte tinten van het door de zon verlichte landschap (waarvan de Wünsche-Mitterecker sculpturen integraal deel uitmaken) worden van het gefilmde materiaal overgebracht en behouden. Ze contrasteren met de zwarte, zeer abstracte, strak geometrische en bijna architectonische vormen. Het effect is een soort vervreemding die de louter illusoire reduplicatie van de bezochte plaats tenietdoet. Een raadselachtig element wordt geïntroduceerd voor zover de gefotografeerde sculpturen geheel of gedeeltelijk aan het gezicht ontrokken worden door zwarte elementen die ad random zijn toegevoegd. De relaties tussen de zwarte toegevoegde elementen geven aan de ruimte een dynamiek. Maar zwart kan ook staan voor verdriet, voor het duistere onbekende, voor de ‘zwarte doos’ van de tijd en voor leed uit het verleden en voor herinneringen verborgen in overlevende lichamen, of in het graf meegenomen door de doden. 

Wanneer de toeschouwer deze reeks van werken ervaart, kan hij zich bewust worden van de complexiteit van de evolutie in het totstandkomen ervan. Op deze wijze zijn zij een middel tot reflectie over de vele wegen om de leegte als voelbaar aanwezig te ervaren.

 

Luc Piron, geboren in 1952. Woont en werkt in Tielt-Winge (Leuven), België. Heeft een aantal decennia als onafhankelijk kunstenaar gewerkt en tentoongesteld. Was ook docent etsen en computergrafiek aan het RHoK in Brussel. Naast schilderen en etsen, experimenteert hij ook met de mogelijkheden van computerkunst.

Gedurende de laatste tien jaar is zijn belangstelling gegroeid voor een dialoog tussen oppervlak, ruimte en materiaal. In verscheidene van zijn meer recente schilderijen worden eenvoudige materialen als krijtpigmenten en grafiet zorgvuldig afgewogen in contrasterende kleurschakeringen en vormen. Kenmerkend voor deze schilderijen is dat ze alle door de component ‘ruimte’ een verband met architectuur vertonen. Deze interesse voor ruimte uit zich tot op zekere hoogte ook in zijn huidige werk.

 

Andreas Weiland werd geboren in 1944. Hij verbleef lange tijd in Bochum (D) en enige tijd in Taiwan. Van 1982 tot begin 2005 was hij – met tijdgebonden opdrachten en occasionele tussenpozen – verbonden als onderzoeker aan de Technische Universiteit in Aken, Duitsland. Een eerste poëzievoordracht had plaats in de jaren zestig met Mike Horowitz. Schreef bijdragen in o.a. Hans Benders Literaturmagazin (SWF Baden-Baden), Cahiers du Cinéma, Benzin, Konkursbuch en KultuRRevolution, de bloemlezing Und ich bewege mich doch München (Beck) 1977, de bloemlezing Aiqing de gushi/300 deutsche Liebesgedichte, Peking 1998, alsook het verzamelwerk Critica del Novecento/Criticizing the Twentieth Century, Genova 2001. Diverse dichtbundels, zoals The Kranenburg Poems (2003, 2004); die Chonnam Lieder (2003); Midwestern Vistas & Other Poems (2001); Die Tage, das Zeitalter (1999, 2001); Gedichte aus einem dunklen Land (1998). Verder filmrecensies, poëtische teksten over kunst en bovendien historisch-stedebouwkundige werken. Geeft ook het internet-tijdschrift Art In Society uit: www.art-in-society.de

NIET “DE VAARDIGHEID VAN DE SCHRIJVER”,
ZOALS PAVESE HET NOEMDE,

veeleer poëzie als engagement zowel als betovering vervulde hem, voordat hij geloofde dat hij haar kon inzetten als een wapen van kritiek, althans voor korte momenten van verontwaardiging over de irrationaliteit van een wereld die pretendeert groeiende rijkdom en zich enorm snel ontwikkelende productiemiddelen te verzoenen met verpaupering, verstoring van het leefmilieumilieu en misstanden van structureel geweld.